Lees hier mijn blogs en verhalen.

“Stories are powerful because they transport us into other people’s worlds. But, in doing that, they change the way our brains work and potentially change our brain chemistry – and that’s what it means to be a sociale creature.”  - Paul J. Zak


Ogen vol leven in een lijf dat niet meer kan

Soms heb je van die ontmoetingen die een leven lang bij je blijven. Het hoeven geen lange ontmoetingen te zijn om toch bij je te blijven. De ontmoeting met Moppie is er zo een.

Onderweg naar een volgend verblijfadres had ik een sanitaire stop nodig. We kwamen uit bij een wegrestaurant waar op dat moment veel vrachtwagenchauffeurs aan de lunch zaten. Het was er druk met mannen en nog drukker met katten. Overal waar je keek waren katten, die hun eten bij elkaar probeerden te bedelen. Het waren vooral jonge katten en heel veel kittens. Dit restaurant ligt afgelegen en blijkbaar is het een dumpplek voor dieren geworden waar verder niemand naar omkijkt.

Bij het restaurant was ook een exotisch ogende winkel. Je gelooft het niet, maar in plaats van de winkel in te gaan, ben ik naar een plek naast het terras daar gelopen. Ik ben het type dat graag aan winkelonderzoek doet, zeg maar. Nu dus niet en als je me vraagt hoe ik wist dat ik elders moest zijn, dan weet ik het niet. Het ging als vanzelf en voor ik het wist stond ik bij een zwarte kat, die we later Moppie noemden.

Moppie lag daar in de plantenbak en hij keek me met halfdichte oogjes aan. Zijn ogen zaten vol troep, ik maakte ze schoon en hij keek me met enorm groene ogen dankbaar aan. Hij zette het spinnen in en ik haalde hem zachtjes aan. Ik ken geen lelijke katten, maar hij was een echt knappe zwarte man. Op een subtiele manier werd me duidelijk dat hij niet ok was en later zag ik dat het aan zijn achterkant lag.

Inmiddels was mijn partner terug uit de winkel met water en kon ik daar niet weg zonder Moppie. Mijn wereld stortte in elkaar en zonder controle over mijn tranen, heb ik mijn partner kunnen vertellen dat we Moppie moesten helpen. Jelle, mijn partner, is heel handig met telefoons en binnen no time had hij een afspraak bij de dichtstbijzijnde dierenarts gemaakt. We mochten 20 minuutjes ernaar toe rijden. Moppie in een handdoek gewikkeld op mijn schoot, spinnend en vol hoop. Een zacht wezen vol leven, met grote ogen en de liefde straalde van hem af.

Tussen hoop en wanhoop hebben we de reis gemaakt. Hopend dat het snel goed kon komen en vrezend voor het tot dan toe onbenoembare. Maar ook het ongeloof en de wanhoop dat er zoveel mensen waren daar en dat niemand iets voor Moppie deed.  

De dierenarts bleek een liefdevolle man. Hij was zichtbaar geraakt door wat hij aanschouwde. Hij stelde een foto en echo voor om te kijken waar de verlamming vandaan kwam en het is aan dit onderzoek dat Moppie zijn naam dankt. We hadden een naam nodig om de foto’s op naam te zetten en Jelle kwam op de naam, omdat deze kat zo veel op zijn oude Moppie leek.

Twee kogels in het lijf, twee kogels met een extra scherpe punt om nog meer impact te hebben. Twee kogels in zijn ruggengraat, waardoor ook de blaas verlamd was en hij langzaam dood zou gaan.

De dierenarts had een bril op, een mondkapje en handschoenen. Het lot wilde, vertelde hij later, dat hij allergisch was voor katten. Hij vond het zelf wel een grote grap, maar door zijn ‘verpakking’ heen was zichtbaar dat ook hij het moeilijk had. Het ging hem niet makkelijk af te vertellen dat het met Moppie niet meer goed kwam.

Het is een hele rare gewaarwording als je denk dat je een dier gaat helpen en je hem dan moet laten gaan. Ik had hem iets anders beloofd en dat doet ongelooflijk veel pijn.

Het was zaterdag en de dierenarts had spoeddienst, er was verder niemand in de praktijk en wij kregen nog even tijd met Moppie. Ik kon hem alleen maar vertellen dat het me speet, dat ik ontzettend dankbaar was dat ik hem mocht leren kennen. Ik heb hem verteld hoe knap hij was en dat zijn liefde alles verblindend was. Meer kon ik niet doen, dat en hem ondersteunen met Reiki bij het overgaan. Hij keek me aan en liet zich snel gaan.

Mijn moeder zei altijd als ze iets niet begreep: “Er zijn ook mensen voor alles.” Ik vertelde het de dierenarts. Hij zei: “Ja en er zijn ook mensen als jullie en dat zijn er steeds meer.”

Lieve Moppie, er zijn mensen in pijn die dat op anderen richten. Jij en zoveel anderen zijn daarvan de dupe. Maar Moppie er zijn ook mensen in pijn, omdat anderen dat doen en jij en zoveel anderen daar de dupe van zijn.   

Hoop, vertrouwen en liefde zagen er nooit zo mooi uit als jij. Dank je wel!